Frisist en Neerlandicus Jan Popkema uit Burgum: ‘Ik sit no yn de reststân’

Op het moment zit frisist/neerlandicus en vertaler Jan Popkema (78) uit Burgum in de ruststand, zoals hij het zelf omschrijft. De winnaar van de vierjaarlijkse Dr Obe Postmapriis met de Friese vertaling van het Duitse boek ‘Das Parfum’ van Patrick Süskind is nog niet begonnen met een nieuw vertaalproject.

“Mar as d’er wat op myn paad komme soe, wol ik wol wer oan de slach”, zegt de Burgumer . De suggestie voor het vertalen van het Duitse boek ‘Das Parfum’ kwam van zijn zoon Anne Tjerk, die een uitgeverij heeft met een paar vrienden en Friese boeken publiceert. Voor Popkema begon met de vertaling van de populaire Duitse roman heeft hij het boek eerst nog eens voor de tweede keer goed doorgelezen met in het achterhoofd het idee of hij er een fatsoenlijke Friese vertaling van kon maken. “En om te begjinnen moatte jo it boek ek moai fine. Dit moat ik wol kinne tocht ik”, vertelt Popkema over zijn beslissing om het vertaalproject op zich te nemen .

Het boek ‘Das Parfum’ is zeer bijzonder en gaat over een moordenaar die zijn slachtoffers uitzoekt door op hun geur af te gaan. Het speelt zich af in Parijs en Frankrijk. Met de geuren van zijn slachtoffers maakt hoofdpersoon en moordenaar Jean-Baptiste Grenouille zijn eigen parfum. “It is in boek dat jo net gau ferjitte”. Maar de Duitse taal is wel moeilijk om te vertalen omdat het mogelijk is om heel precies te formuleren en bovendien gebruiken ze lange zinnen van soms wel meer dan een halve bladzijde. “Sa wurket it yn it Frysk net. Soms haw ik wol sinnen opknipt”.

Kroon

De Dr Obe Postmapriis is een kroon op zijn vertaalwerk, vindt de frisist en neerlandicus. Hoewel ‘Das Parfum’ het eerste boek is wat Popkema vertaalde, heeft hij in het verleden meegeholpen aan meer vertalingen. De prijs ziet hij dan ook als een bekroning op al zijn vertaalwerk. Maar als je met het vertalen bezig bent dan “binne jo net mei in priis oan de gong”, aldus Popkema. Maar natuurlijk vond de vertaler het geweldig op het moment dat hij hoorde van provinciaal gedeputeerde Sietske Poepjes dat hij de prijs had gewonnen. “Jo hearre dat jo wol kânshawwer binne en dan is it geweldich as de deputearre opbellet’. De uitreiking vond uiteindelijk bij hem thuis in Burgum in kleine kring plaats in verband met de coronacrisis. Gedeputeerde Poepjes kwam langs met bloemen, taart en de oorkonde, die in zijn studeerkamer een prominente plaats aan de muur heeft gekregen.

Als docent Fries en Nederlands met 25 jaar onderwijservaring ligt zijn interesse niet zo zeer bij literatuur als wel bij de taalkundige kant van het Fries, legt Popkema uit. Zo schreef hij na zijn pensionering een boek over de grammatica en de regels van het Fries. Het Fries is onderdeel van je persoonlijkheid, zo benadrukt hij het belang van de Friese taal : “It sit djip yn jo”. Ook zijn vrouw Jos, hoewel zelf Zeeuwse, leerde de Friese taal spreken en zijn zoon Anne Tjerk studeerde af in het Aldfrysk. Zoon Anne Tjerk wil met zijn Friese uitgeverij de taal bij de oudere jeugd promoten en won eerder de dr Obe Postmapriis in 2012 met zijn Friese vertaling van ‘De Hobbit’.

Fries

Popkema’s wieg stond opmerkelijk genoeg niet in Friesland, maar in Marum in de gemeente Westerkwartier. Hoewel hij op Groningse bodem is geboren, werd er altijd Fries gesproken in huize Popkema omdat zijn heit en mem uit Opsterland kwamen. Na de verhuizing van zijn ouders naar Emmeloord in de Noordoostpolder in de jaren vijftig ging hij in Amsterdam scheikunde studeren. Ook in de polder en in Amsterdam zocht hij contact met Friezen en werd er voornamelijk Fries gesproken. Hij stopte echter met zijn studie scheikunde en ging vier jaar in militaire dienst als Kort Verband Vrijwilliger (KVV). Vervolgens behaalde hij diploma’s in het Nederland en zijn kandidaats en doctoraal Fries aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Vertalen

Het vertaalwerk is een kwestie van stug doorgaan, meent Popkema. Na het lezen van het boek ‘Das Parfum’ begon hij het zin voor zin te vertalen. Het is heel precies werk, waarbij er regelmatig vooruit- en teruggelezen moet worden of de vertaling en de gebruikte woorden passen in de context. “Rint it allegearre, dat is hiel wichtich”. Zijn zoon Anne Tjerk las actief mee en dat is ook nodig in het vertaalwerk, vindt de Burgumer. Nadat hij de eerste veertig bladzijden had vertaald, legde hij zijn werk voor aan zijn zoon. “Moai trochgean op dizze foet”, was het commentaar.

De vertaler heeft geen idee wat zijn volgende vertaalproject gaat worden. Hij zou wel weer wat op willen pakken als er wat op zijn pad zou komen. Zijn zoon Anne Tjerk zou misschien met een nieuwe suggestie kunnen komen, maar zover is het nog niet. Ondertussen verveelt Popkema zich absoluut niet. Hij leest het Friesch Dagblad en Trouw iedere dag grondig door, maakt verschillende puzzels en kijkt ’s avonds tv.

Gedichten

Op de vraag wat hij het mooiste vindt aan het vertaalwerk, antwoordt hij met het vertalen van gedichten. Omdat je rekening moet houden met de verstechniek, het metrum en de rijm en ook nog eens de melodie, vergt het vertalen van gedichten veel meer creativiteit en fantasie, legt Popkema uit. In het Lieteboek foar de Tjerken staan negentien vertalingen van hem, voegt hij eraan toe. Bij het vertalen van gedichten loop je soms ook wel eens vast en de oplossing voor de Friese vertaler is dan om een eindje te gaan lopen. “Efkes rinne en stinne”, zegt hij lachend en vaak heeft hij dan de oplossing als hij thuiskomt.