Museum Ot en Sien blijft nog wel even gesloten: ‘Kwetsbare mensen gaan vóór’

Wanneer museum Ot en Sien in Surhuisterveen weer opengaat, is nog maar de vraag. Zolang het virus rondwaart, krijgt de dagbesteding alle voorrang. ,,Kwetsbare mensen gaan vóór de toeristen.’’

Het is stil bij Ot en Sien. Voor de deur geen touringcars en in het museum geen schoolklassen. Zelfs het schap met Oudhollands snoep staat leeg. ,,Die heb ik uitgedeeld aan de plaatselijke gymnastiekvereniging’’, vertelt Johanna Pitstra, die met haar man Sjirk de zaak runt.

Terwijl de meeste musea weer open zijn, blijven de deuren van Ot en Sien potdicht. Want hoepelen of steltlopen op anderhalve meter? ,,Er zijn misschien alternatieven te bedenken. Maar het museum is echt een beleefmuseum. Met de maatregelen is de lol er wel vanaf.’’

Toch is dat niet de belangrijkste reden dat de potjes en beeldjes onder de schoolplaten nog geen stofdoek hebben gezien. Naast een museum is Ot en Sien sinds een jaar of twee óók een dagopvang voor ouderen. ,,En kwetsbare mensen gaan vóór de toeristen. Ik wil het risico gewoon niet lopen.’’

Huisbezoeken en telefoontjes

Die vrijdag in maart toen de deuren van het museum dicht bleven, had nog maar één bezoekersgroep afgezegd. Dat al op zondag het halve land op slot ging, en daarmee ook de dagopvang van Ot en Sien, had niemand kunnen bevroeden. ,,We zijn gelijk gaan zoeken naar alternatieve manieren.’’

Die werden gevonden in huisbezoeken en telefoontjes. ,,Dan kom je er al heel snel achter wat de knelpunten zijn. De mantelzorgers waren totaal overbelast. Toen hebben de gemeente gevraagd: kunnen we echt geen crisisopvang doen?’’

Begin april waren de eerste dagopvangers weer welkom. ,,En half mei kregen we al signalen van mensen die zeiden: we hebben gehoord dat er weer mensen komen. Wanneer mogen wíj weer?’’ Al snel kwam er een akkoord met de gemeente. Ophalen mocht weer. ,,Maar dan wel één voor één.’’

Leuke en ontspannen dag

De ouderen hebben er een flinke knoei van gekregen. ,,Het was vooral de eenzaamheid. Sommigen zeiden: wat stelt het leven zo nog voor?’’ Ook voor haarzelf was het zwaar. ,,Het heeft me twee maanden hoofdpijn opgeleverd. ‘s Avonds ben ik maar gaan wandelen. Anders werd ik helemaal gek.’’

Op het werk werd het onderwerp daarom vakkundig vermeden. ,,We hebben een abonnement op de Leeuwarder Courant, maar al dat coronanieuws hebben we maar overgeslagen. Het moet niet het gesprek van de dag zijn. Voor de mensen wil je er een leuke en ontspannen dag van maken.’’

Hoe ze het ontbreken van de reuring die de museumbezoekers met zich meebrengen opvangt? ,,Ik speel accordeon. Die neem ik soms mee en dan gaan we zingen. Op het terras kan dat. Of we halen een zak oliebollen of kibbeling van het plein. Dat deden we al, maar nu eens een keer vaker.’’

Contactmomenten

Aanvankelijk werd de anderhalve meter nauw gevolgd, zelfs door dementerende ouderen. ,,Dat was moeilijk, maar het lukte wel.’’ Tafels en stoelen kregen een coronabestendige opstelling. ,,Maar al snel zeiden ze: we kunnen elkaar niet verstaan. Wanneer mogen we weer dichtbij elkaar?’’

Sinds juli is alles weer een klein beetje normaal. Maar waar de twee groepen van de dagbesteding voorheen nog wel eens samenkwamen, blijven ze nu strikt gescheiden. Ook medewerkers en hun gezinnen houden hun sociale contactmomenten beperkt. ,,Ik vind het onvoorstelbaar hoe de hele ploeg zich eraan houdt. Mijn complimenten. Een collega was laatst jarig, maar ze heeft het toch maar niet gevierd. ‘Ik durf het niet aan’, zei ze.’’ Tot nu toe heeft nog maar één iemand zich laten testen. Het bleek een verkoudheidje.

Zorgen

Of ze zich voor kunnen bereiden op de tweede golf? ,,Ik maak me wel zorgen. We kunnen weinig meer doen dan ons zo braaf mogelijk te gedragen.’’ Gelegenheidsbezoekers zijn dus nog altijd niet welkom. ,,Wie niet binnen hóéft te komen, komt niet meer binnen.’’

Mocht het tot een tweede lockdown komen, dan hoopt ze dat de dagopvang gewoon open mag blijven. ,,Wéér in isolement, dat geeft zoveel schade. Ik denk niet dat het gebeurt, maar als het nodig is, ga ik ervoor strijden.’’

En het museum? Die zou eerst half augustus weer open. ,,Dat voelde niet goed, dus toen hebben we de periode verlengd tot januari. Maar als ik nu hoor dat ze de piek verwachten in de winter, denk ik niet dat dat lukt.’’

Hoe dan ook, of het april wordt of zelfs later: museum Ot en Sien blijft bestaan. ,,We hebben er nu zo’n tien jaar aan gewerkt. Dat gaan we niet zomaar wegdoen.’’